Volgens Klaus Schwab, oprichter en voorzitter van het World Economic Forum, leven we in een ‘post-post-crisis wereld’. De economische groei is minder groot dan vóór de crisis, maar zal wel langer beklijven. Technologische veranderingen zijn hiervoor de drijvende kracht. De vergelijking met de Industriële Revolutie is snel gemaakt. Al ging het toen in een relatief rustig tempo, na de introductie van de eerste innovaties in 1780 werd de impact pas duidelijk rond 1830. Tegenwoordig zorgen nieuwe technologieën voor veel snellere verstoring van bestaande kaders.

Heel bekende voorbeelden van disrupties zijn Uber en Airbnb, waardoor je een hele andere kijk krijgt op de traditionele manier voor taxivervoer en kamerverhuur. Het is de achterliggende technologie die de markt verstoort en andere business-modellen mogelijk maakt.  Ook voor onze organisatie zijn dit soort initiatieven belangrijk en niet alleen omdat we er van kunnen leren. Ons jaarlijkse evenement, Dreamforce in San Francisco met 150.000 bezoekers, is alleen mogelijk als we zowel voor ons personeel  als bezoekers óók slaapplekken boeken met Airbnb.

Angst

Volgens Schwab is de inzet van technologie onvermijdelijk. Sterker nog, alleen door ‘meedogenloze adoptie’ zullen zowel overheden als bedrijven kunnen overleven in de eenentwintigste eeuw. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat disruptieve technologieën of oplossingen overal met gejuich worden ontvangen. Denk alleen maar aan de behandeling van Uber-chauffeurs of het protest tegen Airbnb-verhuur in Amsterdam.
Als je je verzet tegen verandering leidt dat tot isolatie. Het zit in onze menselijke aard om angstig te zijn. Dat is tegenwoordig ook niet zo gek, als je kijkt naar de snelheid waarmee veranderingen plaatsvinden. Maar het vertrekpunt van angst verandert continu. Neem als voorbeeld de zelfrijdende auto. Nu geven we ons nog niet vrijwillig over aan de grillen van de technologie, maar over twintig jaar vinden we het waarschijnlijk doodeng als iemand zelf een auto wil besturen.

‘Uberized’

Technologie zorgt niet alleen voor relatief kleine veranderingen, zoals het gebruik van een ander soort taxiservice, maar hele branches worden op de kop gezet. Of ‘Uberized’, zoals Schwab stelt. De manier waarop mensen met informatie omgaan is drastisch veranderd. Vroeger keek je in een reisgids als je op zoek was naar een geschikte vakantiebestemming. Tegenwoordig gebruik je een dienst als Tripadvisor als je ´trusted advisor. Welke camping is geschikt voor kinderen? Hebben ze een peuterbadje, animatieteam of juist een tienerdisco? Al dit soort informatie kun je tegenwoordig gemakkelijker en meer up-to-date vinden via sociale netwerken, dan in een traditionele reisgids.

Deeleconomie

Daarnaast is er een revolutie gaande in de retailbranche. Het onderscheid tussen goederen en diensten verschuift. Klanten betalen om een product te gebruiken, niet om het aan te schaffen. De gemiddelde tijd dat een huishouden in de Verenigde Staten een boor gebruikt is nog maar zes minuten per levenscyclus. Het is dus veel logischer om een boor te lenen, dan om er één te kopen. Deze ‘sharing economy’ zal waarschijnlijk de komende jaren een flinke vlucht nemen. Als bedrijf spelen wij hier op in, door een platform aan te bieden waarop applicaties die deze deeleconomie mogelijk maken gemakkelijk en snel ontwikkeld kunnen worden. Via AppExchange, een marktplaats voor applicaties, is het bovendien eenvoudig om snel een groot publiek te bereiken.

Snelheid

Grote organisaties merken deze veranderingen en zullen hier slim op in moeten spelen. De tijd is voorbij dat de grote vissen hun kleinere soortgenoten gemakkelijk op konden peuzelen,  zegt Schwab terecht. Vroeger hadden grote organisaties concurrerend voordeel op basis van omvang en kapitaalintensiteit. Dit was noodzakelijk om bijvoorbeeld grote rekencentra aan te schaffen. Dat heb je tegenwoordig helemaal niet meer nodig. Start-ups gebruiken cloud based applicaties en nemen flexibel storage af bij goedkope aanbieders. Niet omvang, maar snelheid is de nieuwe succesfactor.

(Met dank aan Headlines Journal, Q3 2015)