Wist je dat negen van de tien IT-leiders zeggen dat geïsoleerde data het grootste struikelblok vormen bij de digitale transformatie van hun bedrijf?

 

Bron: Connectivity Benchmark rapport van Mulesoft uit 2020

 

In de datagedreven bedrijfsomgevingen van tegenwoordig is er voor bijna alles wel een app. Van bedrijfsanalisten tot datascientists en marketeers, alle bedrijfsonderdelen gebruiken technologie om hun werk makkelijker te maken. Dankzij technologie hebben CIO's inzicht in data van alle bedrijfsonderdelen en kunnen ze bepalen hoe en wanneer ze deze inzichten willen weergeven. Dankzij technologie zien klantenservicemedewerkers precies op welke kanalen een klant interactie met het bedrijf heeft gehad. En dankzij technologie weten ontwikkelaars welke API's er al in het ecosysteem zijn geïntegreerd, voordat ze met een nieuw integratieproject aan de slag gaan.

Iedereen plukt dus de vruchten van de realtime on-demand informatie waar we dankzij nieuwe technologie over beschikken. Maar als het gaat om IT kleven er ook nadelen aan. De aanwas van nieuwe technologie is zo groot dat het traditionele IT-bedrijfsmodel niet meer toereikend is. Een gemiddeld bedrijf gebruikt tegenwoordig bijna 900 applicaties, waarvan slechts een derde met elkaar is geïntegreerd. IT-afdelingen zijn nog steeds bezig om de berg integratieverzoeken van vorig jaar weg te werken, terwijl de aanvragen van dit jaar alweer binnenstromen. De integratie van databronnen krijgt daarom bij veel bedrijven de hoogste prioriteit.

 

Bron: Connectivity Benchmark rapport van Mulesoft uit 2020

 

Bedrijven met een effectieve datastrategie kunnen data in alle systemen blootleggen en benutten. Als je dit ook met jouw bedrijf wilt bereiken, moet je eerst weten hoe datasilo's ontstaan.

 

 

Wat is een datasilo?

Een datasilo is een geïsoleerde verzameling informatie die niet toegankelijk is vanuit andere delen van de organisatie. Datasilo's hebben vaak technische en culturele oorzaken en zijn over het algemeen het gevolg van één van de volgende drie problemen:

  • Niet-compatibele technologie: de manier waarop bedrijfsonderdelen met data omgaan, is in de loop van de tijd veranderd. In het verleden hadden bedrijven vaak een centrale IT-afdeling, die bepaalde welke systemen er binnen het bedrijf werden gebruikt. Bovendien was er nog de CIO, die besliste of het benodigde budget hiervoor kon worden vrijgemaakt. Tegenwoordig bepalen bedrijfsonderdelen vaak zelf welke technologie ze willen aanschaffen. Het gevolg is dat de IT-afdeling te maken heeft met een wirwar aan niet-compatibele systemen en applicaties en een groeiende stapel integratieverzoeken.

  • Bedrijfscultuur: kennis is macht. Wanneer verschillende bedrijfsafdelingen tegen elkaar moeten opboksen, houden ze waardevolle informatie vaak voor zichzelf. Hierdoor ontstaat er een wantrouwende en competitieve sfeer. Als afdelingen allemaal op hun data blijven zitten, wordt er vaak dubbel werk gedaan binnen een organisatie. Een dergelijke situatie is meestal niet in het belang van het bedrijf als geheel.

  • Organisatiestructuur: onsamenhangende initiatieven leiden tot geïsoleerde data. Uit een onderzoek van Forrester en Salesforce blijkt dat klantdata vaak op allerlei verschillende locaties zijn opgeslagen. Dit maakt het moeilijk voor managers om het overzicht te houden. Deze datasilo's hebben een negatieve impact op de kwaliteit van de customer en prospect experience.

     

Hoe gaan bedrijven om met datasilo's?

Datasilo's kunnen een breed scala aan problemen creëren. Bijna elke branche heeft wel last van geïsoleerde data. Dit kan vervelende gevolgen hebben, zoals het gebruik van inconsistente informatie binnen een organisatie, processen die niet op- of afgeschaald kunnen worden en afdelingen die dubbel werk doen. Een goed voorbeeld hiervan is de Amerikaanse federale overheid. De onafhankelijke toezichthouder van het Amerikaanse Congres, het U.S. Government Accountability Office (GAO), schat dat er tientallen miljarden dollars aan belastinggeld kunnen worden bespaard als het Congres en de uitvoerende tak de versnippering, overlap en hoeveelheid dubbel werk van de verschillende instanties weten terug te dringen.

Helaas zijn er maar weinig organisaties die het zich kunnen veroorloven om hun infrastructuur helemaal opnieuw op te bouwen. Bedrijven hanteren daarom vaak een van de volgende drie benaderingen om van hun datasilo's af te komen:

  1. Draaistoelinterfaces: heb je weleens dezelfde informatie moeten invoeren in meerdere systemen om één datapunt bij te werken? In dat geval had je te maken met een 'draaistoelinterface'. Een draaistoelinterface is een veelgebruikte tijdelijke oplossing, waarbij je dezelfde data handmatig in verschillende systemen invoert.

  2. Datawarehouses of data lakes: datawarehouses zijn opslaglocaties voor gestructureerde en gefilterde data die voor een specifiek doel zijn verwerkt. Data lakes zijn grote verzamelingen ruwe data die geen specifiek doel hebben. In beide gevallen worden de data vanuit de hele organisatie samengevoegd en op één plaats opgeslagen. Dit brengt aanzienlijke uitdagingen met zich mee naarmate de data ouder worden, want hierdoor wordt het bijwerken en beveiligen van deze data en het beheren van toegang een tijdrovende klus. Bovendien is vaak onduidelijk wie de eigenaar van de data is, wat ongeautoriseerde toegang als gevolg kan hebben.

  3. API's: API's (Application Programmable Interfaces) zorgen ervoor dat systemen en applicaties in dezelfde taal met elkaar kunnen communiceren. Hierdoor ontstaat binnen een bedrijf een 'systeem van systemen', waardoor afzonderlijke systemen in realtime data met elkaar kunnen delen.

     

Datasilo's elimineren met API's

Een API is alleen waardevol als deze goed wordt toegepast. Bedrijven als eBay, Coca Cola en Amazon hadden dit al vroeg begrepen. Zij implementeerden een bedrijfsbrede API-strategie om datasilo's te elimineren en de transformatie van hun bedrijf te versnellen.

89% van de bedrijven hanteert een API-strategie. Maar de mate waarin deze strategie wordt doorgevoerd varieert nogal: van uiterst elementair (alleen op projectbasis) tot heel geavanceerd (bedrijfsbreed). Bij organisaties met een bedrijfsbrede API-strategie die van hogerhand wordt aangestuurd, is de productiviteit van ontwikkelaars 36% hoger en wordt er 67% meer projecten afgerond in vergelijking met bedrijven die het initiatief voor deze strategie bij afzonderlijke teams laten liggen.

API-strategieën die van bovenaf worden aangestuurd, leiden tot de grootste productiviteitstoenames.

 

Conclusie: elimineer datasilo's met een API-strategie

Uit onderzoek blijkt dat een bedrijfsbrede API-strategie technische en operationele afdelingen helpt samen te werken om datasilo's te elimineren. De CIO en de IT-afdeling kunnen een proactieve rol spelen bij de invulling van de tranfsormatiestrategie van hun bedrijf. Dit levert bedrijven tastbare resultaten op, zoals snellere levertijden voor teams, een beter overzicht voor de CIO en andere leiders binnen het bedrijf, en controle over hoe mensen informatie inzien en delen.

Bekijk het Connectivity Benchmark rapport voor meer informatie over hoe een API-strategie de transformatie van je organisatie kan versnellen.